Openbare basisschool de Uilenburcht

F J J Dreweslaan 1 9686 NG Beerta

  • We willen onderwijs geven waarin alle kinderen uit Beerta welkom zijn.
  • Op de kapstokken een bonte verzameling jassen van de kleurrijke groep leerlingen.
  • We beschikken over een ruim schoolplein waar heerlijk gespeeld kan worden op de speeltoestellen en rondom onze oude boom.

Resultaten eindtoets

Toelichting van de school

Op obs de Uilenburcht maken de leerlingen de CITO Eindtoets. De resultaten zeggen iets over de behaalde prestaties op het gebied van taal, rekenen en informatieverwerking. Het eindresultaat van alle scholen in Nederland ligt tussen 500 en 550. Het landelijk gemiddelde ligt rond de 534/535. Onderstaande tabel laat een nogal wisselend beeld zien. Dit heeft alles te maken met de verschillen tussen de leerlingen. Wij kunnen t.a.v. de cijfers altijd beredeneren waarom een score het éne jaar hoger of lager uitvalt dan het andere. 

Referentieniveaus

Taal en rekenen zijn belangrijk. Ze bepalen of kinderen goed kunt meekomen op de middelbare school en daarna. Daarom meet de Centrale Eindtoets welk referentieniveau de kinderen beheersen (1F/1S/2F). Een referentieniveau geeft aan wat kinderen kunnen op het gebied van taal en rekenen. Dat meten van de referentieniveaus is verplicht. Dat is in een wet afgesproken. 

Aan het eind van groep 8 moet minimaal 85% het 1F niveau bereikt hebben. Het percentage 1S/2F hangt af van de weging van de school. (Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) berekent de schoolweging van een school op basis van de volgende kenmerken: het opleidingsniveau van de ouders, het gemiddeld opleidingsniveau van alle moeders op school, het land van herkomst van de ouders, de verblijfsduur van de moeder in Nederland en of ouders in de schuldsanering zitten.) Op de Uilenburcht is dat percentage berekend op 39,5 %.

Voor de Uilenburcht geldt dat het percentage behaalde referentieniveaus zowel voor 1F als 1S/2F gemiddeld over 3 jaar ruim boven de ondergrens ligt.

Welk percentage leerlingen behaalt het fundamentele niveau en welk percentage het streefniveau?

Fundamenteel niveau

Het fundamenteel niveau is het niveau voor taal en rekenen dat zoveel mogelijk leerlingen aan het einde van de basisschool zou moeten beheersen. Dit wordt gemeten in groep acht met de eindtoets. De inspectie stelt dat minimaal 85% van alle leerlingen het basisniveau moet behalen. Deze 85% is de signaleringswaarde voor het fundamenteel niveau en dit is voor alle basisscholen in Nederland gelijk.

Bron

Streefniveau

Het streefniveau is een hoger niveau dan het fundamenteel niveau. Het doel is dat zoveel mogelijk leerlingen eind groep acht het streefniveau bereiken. Op basis van de leerlingpopulatie op school wordt door de inspectie voor elke basisschool in Nederland apart bepaald hoeveel procent van de leerlingen het streefniveau moet halen. Dat percentage is de signaleringswaarde voor het streefniveau van de school.

Bron

Hoe gebruikt deze school tussentijdse toetsen?

Toelichting van de school

Op de Uilenburcht worden twee keer per jaar de Cito LOVS-toetsen afgenomen in de groepen 3 t/m 8 en vindt in groep 8 de centrale eindtoets van het Cito plaats. Al deze toetsen geven de school een goed beeld van de ontwikkeling van de kinderen. Mede op basis hiervan bepalen we welke aanpak en leerstof een kind nodig heeft. Daarnaast volgen wij dagelijks de ontwikkeling van de kinderen door o.a. observeren, nakijken en beoordelen van het gemaakte werk en toetsen. 

Op alle scholen van SOOOG wordt in groep 4, 6 en 8 de NSCCT afgenomen. De school bepaalt zelf of het ook in de groepen 5 en 7 wordt afgenomen. NSCCT staat voor Niet Schoolse Capaciteiten Test. Deze test meet het leerpotentieel van uw kind. Door de uitkomst van deze test naast zowel observaties door de leerkracht als de uitkomsten van de toetsen van het leerlingvolgsysteem te leggen, kunnen leerkrachten hun onderwijs nog beter afstemmen op de ontwikkelingsbehoefte van uw kind. Op de Uilenburcht nemen we de test af in groep 8 (november) en in groep 4 en 6 (januari-februari). Voor meer informatie over NSCCT kunt u terecht op hun de website van www.nscct.nl. Mocht u nog vragen of opmerkingen hebben, dan kunt u contact opnemen met de intern begeleider of de directeur.

In de toetskalender wordt aangegeven welke toets-(en) wanneer moet(en) worden afgenomen en in welke groepen. Door middel van een leerlingvolgsysteem verzamelen en registreren we regelmatig de leervorderingen over langere perioden. Dit geeft de leerkrachten de mogelijkheid om hun onderwijs aan te passen aan de vaardigheden van leerlingen uit de groep. Het leerlingvolgsysteem heeft dus een signaleringsfunctie. Deze functie komt het best uit de verf als de prestaties van de leerlingen kunnen worden afgezet tegen een vastgestelde norm. Voldoet de leerling niet aan de norm of denkt de leerkracht dat er bij een leerling meer in zit dan zullen de prestaties verder worden geanalyseerd. Voor deze leerling moet een beter passend onderwijsaanbod gemaakt worden. Indien meer informatie nodig is, kan de groepsleerkracht in overleg met de ib-er, aangeven dat voor een leerling nader onderzoek nodig is. Een leerlingvolgsysteem geeft dus ook informatie over het gegeven onderwijs. Met deze informatie kun je leerstof en werkvormen aanpassen.  

Van ieder kind worden gegevens bijgehouden in Parnassys. Twee maal per jaar vinden er groepsbesprekingen plaats. Er is zowel aandacht voor de zwakkere leerling als de leerling met zeer goede resultaten. Tijdens de contactmomenten bespreken we de resultaten met de ouders. 

Indien daartoe aanleiding is, worden ouders tussentijds uitgenodigd voor een gesprek. Als ouders zelf behoefte hebben aan een gesprek zijn ze altijd welkom.

Welk schooladvies kregen de leerlingen van deze school?

Toelichting van de school

De Uilenburcht geeft met een schooladvies aan welk onderwijsniveau in het voortgezet onderwijs het beste bij een leerling past. Het advies is bindend en in principe enkelvoudig. De school bespreekt het advies met ouders. Het schooladvies is gebaseerd op de ontwikkeling van een leerling in de basisschoolperiode. In de handreiking van de PO raad worden richtlijnen gegeven voor de totstandkoming van het schooladvies. De school kijkt hierbij onder andere naar aanleg en talenten van een leerling, leerprestaties uit het leerlingvolgsysteem voor begrijpend lezen en rekenen-wiskunde uit groep 6, 7 en 8 (Plaatsingswijzer), NSCCT en kind-kenmerken zoals concentratie, motivatie en doorzettingsvermogen van een leerling.

Het kan zijn dat een leerling een sterk wisselende ontwikkeling laat zien. De basisschool kan dan altijd overleggen met het voortgezet onderwijs over het best passende onderwijsniveau en de mogelijkheden voor eventuele ondersteuning. Het kan ook voorkomen dat er door een afweging van factoren een verschil is tussen de toets gegevens uit het leerlingvolgsysteem en het schooladvies. In dat geval is het belangrijk dat de basisschool in de onderbouwing van de Plaatsingswijzer toelicht waarom zij in deze situatie tot een ander advies is gekomen dan op basis van de resultaten verwacht zou worden.   De basisschool geeft op grond van de wet een bindend schooladvies. Dit advies is in principe enkelvoudig. De wet stelt dat de basisschool het schooladvies in overleg met ouders moet heroverwegen als een leerling de eindtoets beter maakt dan verwacht. Dit betekent niet dat het advies ook moet worden bijgesteld. De basisschool is immers op grond van een totaalbeeld van een leerling tot het advies gekomen. Als een schooladvies na heroverweging wel wordt bijgesteld, dan kan het voorkomen dat ouders hun kind op een andere school willen aanmelden. 

Weergave Schooladvies

Bron

Zitten de oud-leerlingen van deze school in het voortgezet onderwijs boven, op of onder hun schooladvies?

In het eerste jaar

Bron

In het derde jaar

Bron

Sociale ontwikkeling

Wat zegt de inspectie over de school?

De Inspectie van het Onderwijs onderzoekt minimaal één keer in de vier jaar het bestuur van een school. De inspectie kijkt dan of de kwaliteitszorg, de onderwijskwaliteit en de financiële zaken bij het schoolbestuur op orde zijn. Daarnaast bezoekt de inspectie een aantal scholen die bij het schoolbestuur horen en onderzoekt deze scholen nader. De gegevens van het laatste onderzoek van de inspectie zijn beschikbaar op de website van de onderwijsinspectie.

Terug naar boven