Protestants Christelijke Basisschool De Regenboog

Distelweg 60 2215 DZ Voorhout

Schoolfoto van Protestants Christelijke Basisschool De Regenboog

Het team

Toelichting van de school

Alle 25 personeelsleden samen vormen het team van De Regenboog. Dit zijn de leerkrachten, vakleerkrachten (gym en muziek), intern begeleider, directeur en ondersteunend personeel. Het team beschikt over veel expertise in de vorm van een:

  • specialist NT2 (Nederlands als tweede taal)
  • specialist gedrag
  • specialist reken/wiskunde
  • specialist taal en lezen
  • specialist cultuur
  • specialist bewegend leren
  • specialist hoogbegaafdheid

Vakleerkrachten op deze school

Hoe wordt vervanging geregeld?

Bij ziekte of afwezigheid van een leerkracht proberen wij dit zo goed mogelijk op te vangen. Waar mogelijk door het inzetten van een leerkracht uit de vervangingspool van Sophia Scholen. Lukt dit niet, kan eigen personeel extra worden ingezet. We proberen altijd eerst een 'bekende' leerkracht te vinden die de groep al kent. Ons uitgangspunt is, dat wij zoveel mogelijk willen voorkomen dat wij kinderen naar huis moeten sturen. 

In het uiterste geval zal u gevraagd worden om uw kind thuis te houden bij afwezigheid van de leerkracht. U wordt hier altijd tijdig over geïnformeerd.  


Directie van de school

Medewerkers op deze school (instellingsniveau)

Hoe is de verdeling mannen en vrouwen?

Bron

Wat is de leeftijd van de teamleden?

Bron

Hoe zijn de teamleden verdeeld over de verschillende functiegroepen?

Bron

Hoe zijn de leerlingen gegroepeerd?

Toelichting van de school

De school heeft gekozen voor een manier van werken waarbij rekening wordt gehouden met de verschillen tussen de kinderen. Er is ruime aandacht voor zelfstandigheid van de kinderen. 

De kinderen worden goed voorbereid op de toekomst en het vervolgonderwijs. Dit ziet u onder andere in onderwijs terug door:

Spelend leren: In de kleutergroepen leren de kinderen door te spelen. Gedurende perioden van ca. 4 weken worden thema's aangeboden waar de kinderen over werken. In hoeken die passen bij deze thema's zijn doelen verwerkt waar kinderen spelend aan kunnen werken. De kinderen denken mee over hoe de hoeken worden ingericht en wat daarvoor nodig is. Door mee te spelen in de hoeken, stimuleren de leerkrachten de ontwikkeling van de kleuters. In de speel/werk tijd kunnen kinderen zelf kiezen uit verschillende activiteiten die vooraf door de leerkracht zijn bepaald.  

Zelfstandig werken: Al vanaf de kleutergroep leren de kinderen om zelfstandig keuzes te maken. Via het 'kiesbord' maken zij elke dag een keuze uit de activiteiten die beschikbaar zijn. Vanaf groep 3 leren de kinderen om te werken met een weektaak. Hierin staan vaste opdrachten en keuze opdrachten. Op die manier leren zij plannen, keuzes maken én kritisch nadenken over wat zij willen leren. 

Snappet: Vanaf groep 3 maken wij gebruik van Snappet. Alle leerlingen (groepen 3 tot en met 8) hebben een Chromebook in bruikleen die ingezet wordt bij het leren. Door het werken met Snappet is de leerkracht in staat om de leerstof meer gepersonaliseerd aan te bieden.

Engels: Vanaf groep 1 wordt er veel aandacht besteed aan Engels. Naast de wekelijkse methodelessen komt het Engels ook terug in liedjes en activiteiten in de klas, de themalessen en projectweken. Wekelijks komt de native speaker in de klas om met de kinderen te communiceren in het Engels. 

Actief Burgerschap: Wij willen kinderen met ons onderwijs voorbereiden op de taken en rollen die ze nu en in de toekomst in de maatschappij vervullen. Voorbeelden zijn de consument, de verkeersdeelnemer en de burger in een democratische rechtstaat. 

Om in die taken en rollen goed te kunnen functioneren en deelnemen aan de samenleving, moet aan een aantal voorwaarden voldaan worden. Kinderen dienen hiervoor kennis te ontwikkelen over en inzicht te verwerven in belangrijke algemeen aanvaarde normen en waarden en te weten hoe daarnaar te handelen. We willen kinderen respect voor en kennis van de basiswaarden van de democratische rechtstaat bijbrengen en de universeel geldende fundamentele rechten en vrijheden van de mens. We willen kinderen het gevoel geven dat ze mee kunnen en mogen praten over belangrijke zaken, zodat ze zich betrokken voelen bij de klas, de school en de omgeving van de school. 

Als school richten we ons op de samenleving als geheel en op de directe leefomgeving. We vinden het belangrijk dat kinderen met diverse culturen en achtergronden met elkaar kennismaken en leren samenwerken. Kinderen groeien op in een pluriforme samenleving. We willen bijdragen aan het ontwikkelen van sociale en maatschappelijke competenties die de kinderen in staat stellen een deel uit te maken van deze samenleving. 

Als school besteden we actief aandacht aan: 

  • democratie: kinderen leren denken en handelen volgens democratische principes; 
  • participatie: kinderen worden gestimuleerd actief deel te nemen aan zowel binnen- als buitenschoolse activiteiten; 
  • identiteit: er is aandacht voor ‘wie ben ik’ en ‘wie is die ander’. 

Kinderen leren hiermee ontdekken, dat er verschillende zienswijzen zijn op bepaalde problemen, ze leren kijken vanuit verschillende perspectieven en ze leren een eigen mening te formuleren en te onderbouwen. Actief burgerschap is een leerstofonderdeel van de methode voor sociaal-emotionele ontwikkeling die wij op school gebruiken. Het is echter ook verweven met onze hele manier van lesgeven en omgaan met kinderen. Steeds weer proberen we de kinderen te laten nadenken over hun eigen rol in deze democratische samenleving. Ook ouders zijn hierbij een belangrijke partner voor de school.  

Wetenschap en technologie: Technologie speelt in onze samenleving een niet weg te denken rol. Kinderen worden steeds vaker geconfronteerd met technische oplossingen die hun leefwijze en maatschappijbeeld kunnen beïnvloeden. Het gaat er om de nieuwsgierigheid van de leerlingen te prikkelen, zodat de kinderen ontdekkend kunnen leren en leren om creatief problemen op te lossen.  

We laten onze leerlingen vroegtijdig kennismaken met techniekonderwijs, door enerzijds praktisch aan de slag te gaan met allerlei activiteiten op het gebied van wetenschap en technologie en anderzijds door ons te richten op de principes van onderzoekend en ontdekkend leren.  

Wetenschap en technologie (W&T) is een manier van kijken naar en benaderen van de wereld. Kinderen stellen vanuit verwondering en nieuwsgierigheid vragen of ze signaleren problemen of behoeften. Bij W&T-onderwijs leren kinderen antwoorden (onder-)zoeken op vragen en oplossingen bedenken voor problemen. Al doende leren kinderen zo het onderzoeks- en ontwerpproces te hanteren en zich daarbij denkwijzen eigen te maken. Het zijn die vaardigheden en instellingen die kinderen nu en in de toekomst nodig hebben. 

Omdat de vragen en problemen altijd betrekking hebben op een onderwerp, leren ze ook over gebeurtenissen, gebieden, organismen, verschijnselen en voorwerpen die in de wereld om hen heen voorkomen of plaatsvinden.

Klasindeling

  • Leerstofjaarklassen

Hoe wordt de tijd op school besteed?

Leerjaar 1 en 2

Toelichting van de school

Kleuters leren door te 'spelen'. Bij dit spelen doen de kinderen ervaringen op die de basis vormen voor hun verdere ontwikkeling. De kleuters krijgen lesstof in de kring aangeboden en werken in werklessen. Dit doen we met voor de kinderen herkenbare thema's.

We beschouwen groep 1/2 als één groep waarin de leerkracht leerstof aanbiedt dat past bij de leeftijd en mogelijkheid van het kind. Zo kunnen jonge kinderen meer uitdagend materiaal aangeboden krijgen als zij daar behoefte aan hebben en is er voor de kinderen bij wie de ontwikkeling anders verloopt genoeg ruimte om zich op eigen tempo en naar eigen mogelijkheden te ontwikkelen. 

Bron

Leerjaar 3 t/m 8

Toelichting van de school

De uren zoals hierboven beschreven in de urentabel geven een indicatie aan. Op basis van wat de kinderen nodig hebben, zal de groepsleerkracht keuzes maken. Wij werken toe naar de kerndoelen en referentieniveaus die aan het eind van de basisschool moeten zijn behaald. Iedere leerling moet zich een basispakket aan kennis en vaardigheden eigen gemaakt hebben. We streven ernaar dit ruimschoots te halen.

Bron

Extra mogelijkheden op deze school

Ondersteuning van de leerlingen

Samenvatting ondersteuningsprofiel

Als school streven we naar een onderwijsleersituatie waarbij de leerlingen een ononderbroken ontwikkelingsproces kunnen doorlopen. De leerlingondersteuning richt zich in toenemende mate op het afstemmen van het onderwijs op de onderwijsbehoeften van iedere leerling. Daarbij bieden we veel maatwerk. De ondersteuning richt zich op het vroegtijdig signaleren en aanbieden van extra aandacht en instructie zodat uitval voorkomen wordt. 

Het aanbieden van passende leerstof en instructie is er ook voor kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong. Hun aanbod is vooral gericht op het leren leren en leren leven. 

Voor alle leerlingen vindt het basisaanbod in de klas plaats. Leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben krijgen extra instructie van de leerkracht in groepjes of individueel. Mocht de leerling niet voldoende profiteren van het basis- en extra ondersteuningsaanbod dan kan er extra ondersteuning buiten de groep worden aangeboden. (Voor meer informatie en de gehele zorgroute kunt u ons zorgplan raadplegen).

Instroom leerlingen

Voor nieuwe ouders zal deze schoolgids de eerste kennismaking met De Regenboog zijn. Deze schoolgids geeft u alle informatie over de school. Daarnaast vinden wij een persoonlijk gesprek belangrijk, waarbij we u dan onze school kunnen laten zien. Uw kind krijgt de gelegenheid om gedurende vijf dagdelen in groep 1 te wennen om de overgang zo geleidelijk mogelijk te laten verlopen. Daarnaast zal de nieuwe groepsleerkracht van uw zoon/dochter in een gesprek, aan de hand van een intakeformulier, een aantal zaken rondom de ontwikkeling van uw kind met u doornemen. Zo proberen wij een volledig beeld te krijgen van uw kind en vanuit ons onderwijs aan te sluiten op de onderwijsbehoeften van uw kind.

Nieuwe leerlingen van hogere groepen kunnen van tevoren kennis komen maken. Voordat wij uw kind plaatsen, vindt er altijd een intakegesprek plaats. Na bestudering van het onderwijskundig rapport van de vorige school, eventueel een observatie op de eigen school, mogelijk aangevuld met eigen toetsen, bepalen we het niveau van het kind en zetten we, indien nodig, gerichte hulp in.

De ontwikkelingen van leerlingen: leerlingvolgsysteem

Om een goed beeld te krijgen van de vorderingen van uw kind maken we gebruik van het zogeheten leerlingvolgsysteem. De leerlingvolgsystemen van Cito en Parnassys volgen de ontwikkeling van de leerlingen op de voet vanaf groep 1 t/m 8. Wij gebruiken hiervoor de toetsen die horen bij de methoden en beoordelen eveneens mondeling en/of schriftelijk werk. De school maakt daarnaast ook gebruik van een aantal algemene landelijke toetsen (o.a. Cito), die de resultaten meten los van de methode. In april maken de leerlingen van groep 8 de Cito-Eindtoets. Voordat deze toets wordt afgenomen hebben de groepsleerkrachten het advies voor het voortgezet onderwijs al met u besproken. We maken gebruik van het protocol ‘Leesproblemen en Dyslexie’. Dit protocol heeft tot doel kinderen met leesproblemen en dyslexie zo vroeg mogelijk te signaleren en te begeleiden. Leerlingen die gesignaleerd worden als risicoleerlingen krijgen extra begeleiding met lezen en spelling. Op school worden alle gegevens verzameld in een digitaal leerlingdossier. Deze dossiers zijn alleen toegankelijk voor schoolleiding, groepsleerkrachten, intern begeleider en de ouders van het betreffende kind. Wij vragen u altijd schriftelijk toestemming als wij de gegevens van uw kind aan derden verstrekken.

Hulp aan individuele leerlingen

Het komt voor dat een leerling de leerstof niet goed opgenomen heeft of dat het tempo te hoog ligt. De capaciteiten, het taakgedrag, de leerhouding en/of motivatie van alle leerlingen zijn immers verschillend. Dat betekent dat een leerkracht goed moet kunnen omgaan met de verschillen in de groep. De onderlinge verschillen en diverse aanpakken maken deel uit van het groepsplan.

Meerbegaafde kinderen

Kinderen die extra goed kunnen leren, krijgen speciale aandacht. De methodes bieden extra oefenstof. Bovendien gebruiken we voor deze kinderen speciale leerstof in de dag- of weektaak waaraan ze zelfstandig mogen werken. De kinderen werken ook in kleine groepjes gezamenlijk aan projecten. Er zal voor deze groep kinderen expliciet aandacht zijn voor de leeraanpak en proberen we hen de vaardigheden bij te brengen om met inspanning te leren leren. In een uitzonderlijk geval stroomt een leerling versneld door. Hier zijn wij echter terughoudend in, omdat het doorplaatsen vaker problemen in de sociale context vergroot. Het sociale en emotionele verschil met de rest van de groep kan soms als belemmering ervaren worden. Deze afwegingen maken we altijd in samenspraak met de ouders.

Een jaar overdoen en aangepaste programma's

Als alle extra inzet onvoldoende effect heeft, nemen we soms, in overleg met de ouders, het besluit om een jaar over te laten doen. Dit gebeurt vooral als een kind op alle punten, ook lichamelijk en sociaal-emotioneel, achterblijft bij de meeste klasgenootjes. Het komt vaker voor dat een kind voor een bepaald vak met een aangepast programma gaat werken. Het kind haalt op dat gebied niet het eindniveau van de basisschool, maar het programma is zo opgesteld, dat er aansluiting is bij het vervolgonderwijs.

Passend onderwijs: de beste kansen voor élk kind De meeste kinderen doen het prima op school: ze ontwikkelen zich naar verwachting en leren zonder problemen. Sommigen hebben meer begeleiding nodig van specifiek lesmateriaal tot een aangepaste leeromgeving. Het organiseren van deze ondersteuning, zo snel, licht en dichtbij mogelijk, dat is de kern van passend onderwijs. De nieuwe wet geldt vanaf 1 augustus 2014 en verandert de manier waarop deze ondersteuning kan worden aangevraagd en hoe die georganiseerd en betaald wordt.

• Passend onderwijs in het kort: Scholen in de regio werken samen om alle leerlingen de beste onderwijsplek te bieden. Het speciaal (basis)onderwijs blijft gewoon bestaan voor leerlingen die dat echt nodig hebben. Scholen kijken naar wat een leerling wél kan, het liefst op een gewone basisschool in de buurt.

• Zorgplicht: Voorheen moesten ouders van kinderen die extra ondersteuning nodig hebben zelf op zoek naar een geschikte school. Vanaf 1 augustus 2014 hebben scholen een zorgplicht. Dit betekent dat we elk kind een passende onderwijsplek moeten bieden. Dat kan op deze school zelf zijn, maar ook op een andere basisschool of school voor speciaal (basis)onderwijs. Ouders worden vanaf begin tot eind bij dit proces betrokken: u kent uw kind immers het beste.

• Samenwerkingsverband: Om elk kind een goede plek te kunnen bieden, werken alle basisscholen en speciale scholen in de regio met elkaar samen. Onze school maakt deel uit van het Samenwerkingsverband Primair Onderwijs Duin- en Bollenstreek. Dit verband bestaat uit 15 schoolbesturen in de gemeenten Hillegom, Katwijk, Lisse, Noordwijk, Noordwijkerhout en Teylingen. Basisondersteuning Schoolbesturen hebben met elkaar afgesproken wat elke school in principe moet kunnen bieden aan ondersteuning. Dit wordt basisondersteuning genoemd. Hierdoor weet u wat u als ouders ten minste mag verwachten van het onderwijs en ondersteuning op een school. Elke basisschool krijgt een eigen ondersteuningsbudget en de beschikking over expertise waarmee de ondersteuning die kinderen nodig hebben, kan worden georganiseerd.

De route

Om passend onderwijs voor elke leerling snel en goed te kunnen organiseren, heeft het samenwerkingsverband een route afgesproken. Deze route bestaat uit verschillende stappen: Het begint bij de leerkracht. Hij of zij signaleert dat de ontwikkeling van een kind stagneert. Samen met u als ouders gaat de leerkracht vervolgens op zoek gaat naar de juiste aanpak voor uw kind.

Met hulp van de intern begeleider (ib’er)

Als een leerkracht de leerling zelf niet verder kan helpen, roept hij de hulp in van de intern begeleider van de school. De ib’er maakt een gedegen analyse van de situatie en geeft vervolgens advies over een mogelijke aanpak. Ook hierbij is het informeren en betrekken van u als ouders van groot belang. De ib’er voert vervolgens de regie over het afgesproken traject.

Met hulp van het ondersteuningsteam (OT)

Als zowel de leerkracht als de ib’er en de ouders er niet uitkomen, wordt de hulp van het ondersteuningsteam (OT) ingeroepen. Naast de leerkracht, ouders en ib’er, kan zo’n team bestaan uit de directeur van de school, onderwijsspecialist en een jeugd- en gezinswerker. Het ondersteuningsteam overlegt wat het kind nodig heeft. De aanpak die is afgesproken, wordt arrangement genoemd. Afhankelijk van wat er nodig is, kan dit op vele manieren worden vormgegeven: - hulp die een school zelf kan bieden - hulp die een school kan bieden met expertise van buiten - verwijzing naar een speciale onderwijsvoorziening.

Verwijzing naar een speciale onderwijsvoorziening

• Stap 1: Gesprek met SBO- of SO-school Als duidelijk is dat een speciale school voor een leerling beter geschikt is, wordt een deskundige van die school uitgenodigd om te praten over de duur en intensiviteit van het arrangement.

• Stap 2: Toelaatbaarheidsverklaring (TLV) Als de eerste stap is afgerond, kan bij het samenwerkingsverband een toelaatbaarheidsverklaring worden aangevraagd. Er zijn twee mogelijkheden:

• Speciaal BasisOnderwijs, of Speciaal Onderwijs: Categorie I: zeer moeilijk lerende kinderen, langdurig zieke kinderen, kinderen met epilepsie of ernstige gedragsproblematiek Categorie II: lichamelijk gehandicapte kinderen Categorie III: meervoudig gehandicapte kinderen

• Stap 3: Bieden van extra ondersteuning Als een leerling een toelaatbaarheidsverklaring heeft gekregen wordt de plaatsing zo spoedig mogelijk gerealiseerd.

• Stap 4: Terugplaatsing vanuit het SO of SBO Bij plaatsing in het speciaal (basis)onderwijs wordt in het ontwikkelingsperspectief beschreven hoe aan terugplaatsing naar de reguliere school gewerkt wordt. Als bij evaluatie blijkt dat dit een optie is, vindt overleg plaats met ouders en de school van herkomst. Een andere reguliere school die meer passend is, bestaat ook tot de mogelijkheden.

Ontwikkelingsperspectief

Een ontwikkelingsperspectief wordt opgesteld als resultaten achterblijven ondanks de ondersteuning op de basisschool, al dan niet met hulp van buiten. Voor deze leerlingen is een perspectief voor langere termijn nodig om de onderwijsbehoeften goed te kunnen bepalen. Rechtstreekse instroom Voor een groep leerlingen is al snel duidelijk dat zij aangewezen zijn op het speciaal onderwijs. Deze leerlingen hoeven niet de reguliere route te volgen. Een team van onderwijsspecialisten zal het verzoek om rechtstreekse instroom behandelen. Meer informatie over de organisatie van passend onderwijs in uw regio vindt u op de websites van het samenwerkingsverband PO Duin- en Bollenstreek: http://po.swv-db.nl en www.swv-db.nl.

Welke specialisten ondersteunen op deze school?

Kwaliteitszorg en schoolplan

Download het schoolplan

Aanbod voor het jonge kind

Toelichting van de school

Onze school biedt voor- en vroegschoolse educatie aan. We werken samen met de peuterspeelzaal Kiekeboe (Smallsteps) in het gebouw van de school. 

Bij Kiekeboe wordt er veel tijd besteed aan de volgende aspecten:

  • Taalontwikkeling. Hierbij gaat het om woordenschat en het stimuleren van de beginnende geletterdheid.
  • Beginnende rekenvaardigheid. Hierbij gaat het om het leren tellen, het meten en de oriëntatie in ruimte en tijd.
  • Motorische ontwikkeling. Hierbij gaat het om het ontwikkelen van de grove en de fijne motoriek.
  • Sociaal-emotionele ontwikkeling. Hierbij gaat het om het stimuleren van zelfstandigheid, zelfvertrouwen en het samen spelen en werken.

Terug naar boven