Tussentijdse resultaten
Wat zijn de tussentijdse resultaten van de school?
Om na te gaan welke ontwikkeling leerlingen doormaken, neemt elke school regelmatig tussentijdse toetsen af. Naast de methodegebonden toetsen zijn er ook toetsen die onafhankelijk de kennis en vaardigheid van leerlingen in een betreffende vak in kaart brengen.
Welke plaats hebben de tussenresultaten in het onderwijsproces en hoe worden deze gerealiseerd?
Als team willen wij onze leerlingen kansen bieden om zich optimaal te kunnen ontwikkelen, passend bij hun mogelijkheden. Als school stemmen we ons onderwijs af op de onderwijsbehoefte van onze leerlingen. Tevens willen wij controleren of onze aanpak de juiste is en  resultaat heeft. In eerste plaats zijn de observaties/ collegiale consultaties van de leerkrachten van groot belang, wij kijken dan naar de verschillende aspecten van het pedagogisch en didactisch handelen van de leerkrachten in relatie wat het effect hiervan is op het leren van de leerlingen. De methode gebonden toetsen geven gedurende het jaar een beeld bij het bepalen of het onderwijs voldoende is afgestemd op de ontwikkeling c.q. onderwijsbehoeften van de leerlingen. Daarnaast gebruiken we de Cito-toetsen. Deze methodeonafhankelijke toetsen geven een objectief beeld van de ontwikkeling van iedere leerling. Deze toetsen hebben een landelijke normering en worden twee keer per jaar afgenomen: in het midden van het schooljaar en aan het eind van het schooljaar. Deze resultaten worden ook gebruikt in de rapportage naar ouders en, waar nodig, naar derden.
De schoolzelfevaluatie: Met behulp van het CITO-LOVS kan de IB-er verschuivingen en trends in de resultaten signaleren, waarna er actie en de daarbij behorende interventies ondernomen kunnen worden.
Er zijn drie groepsbesprekingen per schooljaar: In september/ oktober worden alle leerlingen doorgesproken door de leerkracht en de intern begeleider. Hoe verliep de start in de nieuwe groep, eventuele vragen n.a.v. de groepsoverdracht worden gesteld. In januari/ februari en in juni/ juli komen tijdens de voortgang controle besprekingen (VCB) onderstaande onderwerpen aan bod:
  • Terugblik op de afgelopen periode a.d.h.v. de afspraken vanuit de leerlingenzorg- en toets kalender.
  • In de schoolzelfevaluatie van het CITO-LOVS bekijken we van de afgenomen toetsen de dwarsdoorsnede, de groepsanalyse en de vaardigheidsgroei van de leerlingen en de betreffende groep.
  • We bekijken of de streefdoelen behaald zijn.
  • Welke acties zijn er nodig op groepsniveau? Is er bijvoorbeeld uitbreiding van leertijd nodig? Zo ja, wordt dit opgenomen in het logboek/ journaal.
  • Welke acties zijn er nodig op kindniveau? Deze acties worden beschreven in het groepsoverzicht en in het logboek/ journaal.  
Dit geldt niet alleen voor leerlingen met achterstanden, maar ook de snelle leerlingen hebben recht op een aangepast onderwijsaanbod. Tevens worden de gegevens vanuit het CITO Leerling Volg Systeem gebruikt voor de zelfevaluatie van ons onderwijs.  
Toetsen groep 1 en 2:
Aan de hand van observatie- en evaluatielijsten, die voor elke kleuter worden ingevuld, kan door de groepsleerkracht worden bepaald of er:
  • Extra onderzoeken afgenomen moeten worden.
  • Extra hulp op bepaalde deelgebieden nodig is.
Er wordt niet alleen gekeken naar de cognitieve ontwikkeling (kennis), maar ook naar de sociaal-emotionele ontwikkeling en de zelfredzaamheid van een kind.
Bij kinderen van groep 1, die na de zomervakantie naar groep 2 gaan, worden de toetsen “Rekenen voor kleuters” (voorbereidend rekenen) en “Taal voor kleuters” van Cito afgenomen. Dit gebeurt aan het einde van het schooljaar. Bij kleuters die door het schooljaar heen zijn ingestroomd, worden deze Cito-toetsen niet afgenomen.
In groep 2 staan in januari “Rekenen voor Kleuters” en “Taal voor Kleuters” op het programma. Tevens volgen wij de toetsafname en momenten zoals omschreven in het dyslexieprotocol. Aan het einde van het schooljaar, in juni, worden de toetsen van Cito nog een keer afgenomen.
Wanneer er twijfel bestaat of aan alle voorwaarden om door te stromen naar groep 3 is voldaan, wordt het “schoolloopbaan-protocol” gevolgd. Dit protocol is een hulpmiddel om te bepalen of het kind rijp is om naar groep 3 te gaan. Alles speelt zich af in goed overleg met de ouders.
Toetsen groep 3 tot en met 8:
Buiten de regelmatig terugkerende toetsen bij de verschillende leermethodes maken de kinderen een aantal keren per jaar methode onafhankelijke toetsen. Deze Cito-toetsen staan, zoals eerder beschreven, helemaal los van de leerboeken, die in de klas worden gebruikt. Deze onderzoeken leveren informatie op over de ontwikkeling van het kind. Hoe staat het met lezen, spellen, rekenen, begrijpend lezen? We kunnen de leerlingen dan vergelijken met hun eigen ontwikkeling (de vaardigheidsgroei) en de groepen met vergelijkbare groepen in Nederland (groepsnorm en inspectienorm).