Jenaplanschool met de Bijbel

Schoolstraat 6 4693 BG Poortvliet

  • Schoolfoto van Jenaplanschool met de Bijbel
  • We maken gebruik van primaire bronnen
  • Samen leer je meer!
  • Schoolfoto van Jenaplanschool met de Bijbel
  • werken met gedachtenposters

Het team

Toelichting van de school

Het team bestaat uit acht groepsleerkrachten. Daarnaast is er een gediplomeerde intern begeleider aan de school verbonden. De onderwijsondersteuner werkt vier dagen in de verschillende groepen. De directeur heeft naast zijn directietaken ook voor een dag lesgevende taken.

Vakleerkrachten op deze school

Hoe wordt vervanging geregeld?

Vervanging bij verlof en/of scholing wordt zo veel mogelijk voor het begin van het nieuwe cursusjaar geregeld. Bij vervanging wegens ziekte wordt in de eerste plaats een beroep gedaan op vaste invalkrachten. Is deze niet beschikbaar dan maken we gebruik van TransferCentrum Onderwijs personeel Zeeland (TCOZ). In het geval dat vervanging niet kan worden geregeld worden groepen samengevoegd. In extreme situaties kan worden besloten een deel van de leerlingen naar huis te sturen. Dit gebeurt overigens niet voordat ook de ouders daarover telefonisch zijn geïnformeerd en zich bereid hebben verklaard hun kind(eren) onder schooltijd op te vangen.

Directie van de school

Medewerkers op deze school (instellingsniveau)

Hoe is de verdeling mannen en vrouwen?

Bron

Wat is de leeftijd van de teamleden?

Bron

Hoe zijn de teamleden verdeeld over de verschillende functiegroepen?

Bron

Hoe zijn de leerlingen gegroepeerd?

Toelichting van de school

Stamgroepen

Rekeninghoudend met het gemiddelde leerlingenaantal van de laatste jaren zijn de leerlingen bij ons op school ingedeeld  in vijf stamgroepen:

  • groep 0-1-2
  • groep 3-4
  • groep 4-5
  • 2 groepen 6-7-8

In elke stamgroep zijn zogenaamde  tafelgroepen geformeerd; een groep van 3 tot 6 leerlingen van verschillende leeftijden. Het aantal leerlingen per groep is uiteraard afhankelijk van de jaarlijkse instroom, deze is gemiddeld zo’n 11 leerlingen per cursusjaar. Het onderwijs aan de kinderen wordt zoveel mogelijk in het eigen groepslokaal aangeboden, maar het is ook mogelijk dat leerlingen met specifieke behoeften buiten het klaslokaal individueel of in zeer kleine groepjes worden begeleid door de leerkracht of onderwijsassistent of intern begeleider. 

Leerstofgebieden.  

Activiteiten in de onderbouw: zie hiervoor hoofdstuk onderwijstijd

Wereldoriëntatie.

Wereldoriëntatie vormt het hart van het jenaplanonderwijs. De wereld is complex en alles hangt met elkaar samen. Die wereld willen we met de kinderen verkennen. De start van ons onderwijs ligt dan ook bij die wereld. Kinderen gaan vaak de school uit om de wereld te verkennen. Of de wereld wordt de school binnengehaald: zelf waarnemen en experimenteren, zelf vragen stellen en op zoek gaan naar de antwoorden in bijvoorbeeld ons documentatiecentrum, op de computer (internet) of door mensen met kennis en ervaring uit te nodigen. Op deze manier wordt de wereld voor de kinderen steeds groter. Het kind leert zelf een mening te vormen en deze te verwoorden.

De inhoud van wereldoriëntatie is niet opgedeeld in vakken of kennisgebieden, maar in zeven zogenaamde ervaringsgebieden. Deze gebieden sluiten aan bij de ervaring van de kinderen, rekening houdend met hun leef- en belevingswereld.

De doelen en inhouden van deze ervaringsgebieden zijn gespiegeld aan de ‘kerndoelen basisonderwijs’. Op de school wordt voornamelijk thematisch gewerkt. De kinderen en de stamgroepleider kiezen samen een onderwerp voor de komende periode. Steeds is daarbij wereldoriëntatie sterk bepalend voor de keuze van het thema en alle activiteiten die in de komende weken gaan plaatsvinden.    

Basisvaardigheden (taal,  lezen, schrijven en rekenen)  

Nederlandse taal Taal- en leesonderwijs komen enerzijds voort uit de wereldoriëntatie, terwijl het anderzijds een ondersteunende activiteit is voor wereldoriëntatie. Taal moet vooral in zijn functionaliteit tot uitdrukking komen. Taal wordt gebruikt om met elkaar te communiceren, maar ook om uitingen van creativiteit vast te leggen (bijvoorbeeld schrijven van teksten of het maken van gedichten). Daarvoor is een aantal vaardigheden nodig, zoals lezen, luisteren, spellen, schrijven etc. Om zowel de mondelinge als de schriftelijke taalvaardigheid te stimuleren en te verbeteren maken we gebruik van de vele gespreks- en taalmomenten tijdens de projecten en het werken met de ‘vrije teksten’. De doelen en activiteiten zijn uitgewerkt in eigen leerlijnen.  

Voor het technisch lezen gebruiken we de methodes 'Lijn 3' en voor remediering 'Letterklankstad'. In de groepen 4 en 5 wordt de methode 'Karakter' gebruikt en ‘Lees-lijn’ voor de hogere groepen. In de middenbouw(groep 3 en 4) ligt  het accent voornamelijk op het leren lezen. In de laatste helft van de middenbouw en de bovenbouw  en wordt  taal steeds meer een belangrijke ondersteuning bij de andere vakgebieden. 

Voor spelling gebruiken we de spellingmethode ‘Spelling langs de lijn'.

Bij begrijpend en studerend lezen maken we door de hele school gebruik van de vier V’s (Voorspellen, voorkennis, vragen stellen en visualiseren). Deze strategieën komen tijdens het boeken lezen en project herhaadelijk aan bod. Daarnaast gebruiken we in de midden- en bovenbouw de webbased methode ‘Nieuwsbegrip XL’. Deze methode speelt in op de actualiteit van dat moment.

De ontwikkeling van de schrijfvaardigheid wordt ondersteund met de methode ‘Mijn eigen Handschrift’.  

Rekenen/wiskunde

Voor Rekenen en Wiskunde gaan we steeds meer vanuit rekendoelen werken. Hiervoor gebruiken we  de methode ‘Getal & Ruimte Junior' en in de bovenbouw ook ‘Snappet’.  

Bij de methode 'Getal & Ruimte Junior' staat  effectief en gestructureerd leren rekenen centraal. Of kinderen nu met boeken of digitaal werken: aandacht, zelfvertrouwen en eigenaarschap zijn de basis. Omdat dit de voorwaarden zijn voor effectief rekenonderwijs.

Met aandacht, zelfvertrouwen en eigenaarschap komt elk kind verder!

  • Aandacht: één onderwerp per week en iedere dag klassikale instructie.
  • Zelfvertrouwen: duidelijke, altijd werkende rekenstrategieën.
  • Eigenaarschap: uitleg(animaties), test jezelf en feedback op maat.

Getal & Ruimte Junior heeft een duidelijke rekendidactiek en glasheldere structuur. Zowel op papier als digitaal werken de kinderen aan één onderwerp per week met vaste rekenstrategieën. Er is iedere dag instructie en de kinderen gaan in kleine stapjes van oefenen naar toepassen in context. Het schooljaar is verdeeld in negen blokken van vier weken (20 lessen). Per week zijn er vijf lessen. De eerste vier lessen van de week staan in het teken van één rekenonderwerp, zodat kinderen zich hier volledig op kunnen richten. Eerst wordt voorkennis opgehaald. Daarna wordt de nieuwe vaardigheid aangeboden en geoefend. Vervolgens passen de kinderen de vaardigheid toe in context. De vijfde les van de week richt zich helemaal op herhaling en automatisering van de basisvaardigheden. Deze vaste opbouw geeft rust en structuur in de klas. Dit zorgt voor effectieve rekentijd.   

Snappet heeft de verwerkingsstof omgezet in digitale leeropgaven die verwerkt kunnen worden op een speciaal ingerichte tablet. De kinderen kunnen op de tablet verwerkingsstof maken op hun eigen niveau. Ook geef Snappet meer mogelijkheden tot (in)oefening. Door een directe verwerking van de leerstof ontvangt  het kind zelf meteen feedback en is er voor de stamgroepleider direct een fouten-analyse zichtbaar. De voortgang van de kinderen kan op deze manier nauwkeuriger worden gevolgd. Deze informatie is voor de leerkracht tijdens de verwerking direct zichtbaar waardoor de leerkracht gerichtere ondersteuning kan bieden.  

Engels

In de bovenbouw krijgen de kinderen Engelse les vanuit de methode ‘Stepping up’. Wij willen de kinderen bewust laten worden van de rol die het Engels speelt in de Nederlandse en internationale samenleving op sociaal en cultureel terrein. De lessen richten zich op zowel de spreek- als schrijfvaardigheid. In de onder- en middenbouw komt het engels middels projecten aan bod.  

Expressie

Expressie is een uiting van een beleving. Deze uitingen kennen een grote verscheidenheid aan vormen, denk aan dans, toneel, muziek, tekeningen, teksten, etc. Al deze expressievormen krijgen bij ons op school een plek in ons onderwijs. In de weeksluitingen laten kinderen graag hun expressieve resultaten zien.

Jaarlijks vindt er voor de midden- en bovenbouw een keuzecursus plaats waarbij leerlingen kunnen kiezen uit diverse expressiegebieden. Deze creatieve cursussen worden in samenwerking met de ouders georganiseerd.  

Muziek

Vanaf 2013 zijn we als school bezig met het invoeren van een uniek muziekprogramma. Uniek, omdat in de toekomst álle kinderen op onze school de basis voor het bespelen van een muziekinstrument wordt aangeleerd.  De kinderen uit de onder- en middenbouw (groep 3 en 4) krijgen blokfluitles. Aan het eind van groep 4 kiezen de kinderen een ‘eigen’ instrument en gaan vanaf groep 5 met elkaar onder begeleiding van een dirigent muziek maken. Ze krijgen het instrument  in bruikleen mee naar huis om ook daar te oefenen. Dit schooljaar neemt elke donderdagmiddag groep 5 en de hele bovenbouw deel aan de blazersgroep. De groep is verdeeld in drie niveaus. We willen kinderen zélf laten ervaren wat muziek spelen is voor henzelf én samen! Muziek verbindt!  Samen muziek maken stimuleert de ontwikkeling van sociale en emotionele vaardigheden. Daarnaast vinden we het belangrijk om een culturele/muzikale bijdrage te leveren in onze dorpssamenleving. Daarom wordt aan het eind van het schooljaar een concert gegeven.  

Bewegingsonderwijs

Kinderen leren in de lessen bewegingsonderwijs hun vaardigheden en bewegingsmogelijkheden te vergroten. We proberen een positieve houding ten opzichte van sport en beweging te ontwikkelen en kinderen te leren omgaan met elementen als spanning, winst en verlies. De kinderen uit de onderbouw hebben een maal per week bewegingsles in de speelzaal op school. Groep 3 en 4 heeft twee keer per week  gym, waarvan de spelles op school en de toestelles in het gymlokaal aan de Burgemeet gegeven wordt. De midden- en bovenbouw hebben ook twee keer per week gym. Deze lessen worden in het gymlokaal aan de Burgemeet gegeven. Als leidraad voor de lessen gebruiken we de methode ‘Basislessen bewegingsonderwijs’ van Van Gelder en Stroes.  

Weerbaarheidstraining groep 7-8

Op onze school besteden we veel aandacht aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen. Hiermee richten we ons op het stimuleren van een positief zelfbeeld van kinderen en op de wijze van omgaan met elkaar. Een onderdeel van die aandacht  is de weerbaarheid van kinderen te vergroten. In aansluiting op de schoolactiviteiten rondom de sociaal-emotionele ontwikkeling biedt ‘Sportpunt Zeeland’ een weerbaarheidstraining aan voor jongens en meisjes van groep 8. Deze training bestaat uit 12 lessen die door professionals van Sportpunt worden gegeven onder schooltijd op school en in de gymzaal ter plaatse. De lessen duren drie kwartier tot een uur. Bij de onderwerpen die centraal staan tijdens deze lessen moet u denken aan Zelfbescherming en hoe je het gebruikt, Trots zijn op jezelf, Ja-gevoel en Nee-gevoel, Groepsdruk, Geheimen, Kindermishandeling, Mijn lijf is van mij, etc.

Klasindeling

  • Bouwgroepen/Stamgroepen/Heterogene groepen

Hoe wordt de tijd op school besteed?

Leerjaar 1 en 2

Toelichting van de school

De groepering is tijdens de werkactiviteiten gebaseerd op de vorderingen, vrije keuze en/of specifieke interesses van de kinderen, waarbij het kindgericht werken ons uitganspunt is.  De inrichting van het klaslokaal  is hier op afgestemd: zo zijn er verschillende ‘hoeken’ waar de kleuters op een speelse wijze vaardigheden aanleren met behulp van verschillend ontwikkelingsmateriaal, maar ook het speelterrein buiten, zoals bijvoorbeeld de kleutermoestuin en de heemtuin. Kinderen die interesse hebben in bepaalde zaken leren gemakkelijker.

De groepsleerkracht probeert hier voortdurend op in te spelen om zodoende een goede basis te scheppen om na de onderbouw het liefst zonder problemen het onderwijsprogramma van groep 3 t/m 8 aan te kunnen. Vele activiteiten in de onderbouw hebben een voorbereidend karakter (voorbereidend rekenen, voorbereidend lezen) waarbij wordt uitgegaan van de mogelijkheden en beperkingen van ieder kind en van het principe dat spelen vaak leren is!

Leerjaar 3 t/m 8

Toelichting van de school

Binnen ons jenaplanonderwijs werken wij in de stamgroep en in de jaargroep. Ook wordt er vaak gewerkt met thema's waardoor het moeilijk is om per vak aan te geven hoeveel uur aan dat vak besteed wordt.

In het volgende staatje kunt u de invulling van onderwijstijd zien in percentages:

  1. lezen 15%
  2. taal 20%
  3. rekenen/wiskunde  20%
  4. wereldoriëntatie 8%
  5. kunstzinnige en creatieve vorming 12%
  6. bewegingsonderwijs 7%
  7. engelse taal 1%
  8. levensbeschouwing 8%
  9. overig (blokperiode) 9% 

Extra mogelijkheden op deze school

Ondersteuning van de leerlingen

Samenvatting ondersteuningsprofiel

Onze school is een smalle ondersteuningsschool. Onze leerlingpopulatie is niet per definitie een afspiegeling van de wijk. Dit komt omdat het voedingsgebied groter is dan de nabije omgeving. Kinderen komen uit alle omliggende wijken van de school. Ouders maken een bewuste keuze voor de Jenaplanschool met de Bijbel.

De opvang van nieuwe leerlingen  

Als ouders overwegen hun kind onze school te laten bezoeken, dan worden zij uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek met de directeur. Tijdens dit gesprek wordt aan de hand van de informatiegids gesproken over:

  • de doelstellingen en  uit-gangspunten van de school.
  • de identiteit van de school.
  • de wijze waarop ouders worden betrokken bij de school.
  • de werkwijze van de school volgens de jenaplanprincipes.  

Uiteraard kunnen de ouder tijdens dit kennismakingsgesprek al hun vragen kwijt die voor hen van belang zijn en worden zij rondgeleid in de school.

De nieuwe kleuters kunnen gedurende vijf dagdelen kennismaken met onze school. De eerste van deze vijf dagdelen kunnen ouders ook mee.  Oudere kinderen kunnen een dag meelopen in de groep om kennis te maken. Uiteraard worden deze kennismakingsdagen in onderling overleg met de ouders vastgesteld. Het inschrijven van nieuwe leerlingen gebeurt door het invullen en ondertekenen van het inschrijvingsformulier. Verder wordt met de ouders aan de hand van een activiteiten/ klussenlijst gekeken aan  welke activiteiten ze mee kunnen helpen.      

Afstemming op kinderen  

Afstemming van ons onderwijs op de behoeften van de leerlingen is van groot belang. We willen er naar streven dat alle leerlingen zo optimaal mogelijk binnen hun eigen mogelijkheden kunnen presteren op school. Daarbij realiseren we ons dat de leerlingen beschikken over verschillende capaciteiten, interesses en achtergronden.  We zullen daarom niet alleen stilstaan bij de belemmerende factoren, maar juist ook kijken naar de stimulerende factoren. Zo willen wij ons onderwijs steeds beter afstemmen op de onderwijsbehoeften van kinderen.  

Dit handelingsgericht  werken geeft ons de mogelijkheid om aan deze ondersteuningsvraag zo goed mogelijk te voldoen. Deze vorm van werken is een planmatige en cyclische werkwijze, waarbij we de volgende zeven uitgangspunten  toepassen:     

  • De onderwijsbehoeften van leerlingen staan centraal. (Wat heeft een  leerling nodig om een bepaald doel te behalen?)
  • Het gaat om afstemming en wisselwerking. (Relatie: uw kind in deze groep, bij deze leerkracht, op deze school en deze ouders. Hoe goed is de omgeving afgestemd op wat uw kind nodig heeft?)
  • De leerkracht doet ertoe. (De invloed van de leerkracht op de leerontwikkeling van het kind)
  • Positieve aspecten zijn van groot belang. (Deze zijn van groot belang om een situatie te begrijpen, ambitieuze doelen te stellen en om een succesvol plan van aanpak te maken en uit te voeren) 
  • We werken constructief samen. (Samenwerking tussen leerkrachten-leerlingen-ouders interne en externe begeleiders is noodzakelijk om een effectieve aanpak te realiseren)
  • Ons handelen is doelgericht. (Korte en lange-termijndoelen voor het leren, de werkhouding en het sociaal-emotioneel functioneren van alle leerlingen)
  • De werkwijze is systematisch, in stappen en transparant (Het is voor betrokkenen duidelijk hoe de school wil werken en waarom)  

We hebben de zorgverbreding in school gestalte gegeven door twee interne begeleiders (IB-ers) de coördinatie van de zorg te laten realise-ren, alsmede leerkrachten te adviseren en te ondersteunen. Met betrekking tot de vakken technisch en begrijpend lezen, spelling en rekenen, maken we twee keer per jaar gebruik van Citotoetsen die ‘los’ staan van de methodes die we dagelijks gebruiken. Daarnaast wordt in de groepen 5 en 7 een intelligentieonderzoek (de N.S.C.C.T) afgenomen.

Ook willen we een zo goed mogelijk beeld hebben van de betrokkenheid, welbevinden en de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen. Hiervoor gebruiken we het instrument ‘Zien’. Door het werken met ‘Zien’ kunnen we tijdig signaleren en zo nodig speciale gedragsbegeleiding inzetten. Per kind hanteren we de leerling vragenlijsten. Aan de hand van de uitkomsten van deze vragenlijsten en de leerkrachtobservaties worden suggesties aangereikt en de begeleiding uitgezet. Ook geeft dit programma waardevolle adviezen voor de begeleiding thuis. In de midden-en bovenbouw nemen we de leerlingvragenlijst (ZIEN!) af. Met deze vragenlijst willen we meer inzicht krijgen in het welbevinden van het kind. De resultaten worden in schema gezet, waardoor we als team van onderwijsgevenden een beter antwoord hebben op vragen als:

  • hoe presteert het kind  in vergelijking met zijn leeftijdsgenoten;
  • hoe presteert het kind gelet op geformuleerde streefdoelen;
  • hoe heeft het kind zich ontwikkeld tijdens het laatste half jaar; 
  • hoe verhouden deze toetsresultaten zich tot eerdere toets-momenten;
  • wat kunnen, mogen en moeten we van dit kind verwachten;
  • heeft dit kind extra hulp nodig (in de groep, buiten de groep of wellicht zelfs buiten de school).  

Als team van onderwijsgevenden bespreken we zo de vorderingen van alle leerlingen tijdens de voortgangsbesprekingen m.b.v. de digitaal ingevoerde gegevens in het Parnassys digitale leerlingvolgsysteem.  

Daarnaast zijn er specifieke leerling- en groepsbesprekingen, waarbij uitgebreid wordt gesproken over kinderen die speciale zorg en aandacht behoeven. Ons doel is om aan ieder kind ‘passend’ onderwijs te bieden, zodat ieder kind zich optimaal kan ontwikkelen op basis van talenten en hun mogelijkheden. Op steeds planmatiger wijze gaan wij om met de verschillen in onderwijsbehoeften tussen leerlingen. Doelgericht worden handelingsplannen en groepsplannen ingezet. Tijdens de besprekingen wordt er gekeken of gestelde doelen bereikt zijn. Ouders worden hiervan iedere periode op de hoogte gehouden. Individuele plannen moeten door ouders ondertekend worden.

Twee keer per cursusjaar schrijven de leerkrachten een rapport (portfolio) over de ontwikkeling van elk kind, waarbij verschillende aspecten worden belicht. In dit verslag staat niet alleen hoe het kind presteert met betrekking tot de schoolse vakken en vaardigheden, maar ook de jenaplanessenties en hoe het kind sociaal-emotioneel functioneert op school (bijv. hoe het kind zich gedraagt ten opzichte van andere kinderen, hoe de relatie is met de onderwijsgevende).     

Speciale ondersteuning / onderwijs op maat  

Wij gaan er van uit dat alle kinderen verschillend zijn en dat veel problemen op school voorkomen kunnen worden door het onderwijsaanbod af te stemmen op de individuele mogelijkheden en beperkingen van ieder kind.

Er dient een evenwicht te bestaan tussen het uitdagen van kinderen én het rekening houden met hun specifieke mogelijkheden. Voor leerlingen die speciale ondersteuning behoeven kunnen we gebruik maken van diverse externe deskundigen. (ambulant schoolbegeleiders, schoolbegeleidingsdienst RPCZ) Gesproken wordt over de onderwijsbehoefte van het specifieke kind. Hoe kunnen we de aanpak en begeleiding afstemmen op datgene wat dit kind nodig heeft om deze doelen te bereiken. Meer kijken vanuit de kansen van het kind, de mogelijkheden dan vanuit de belemmeringen.  

De school dient voor iedereen een veilig leer- en leefklimaat te bieden. De ondersteuning richt zich op het wegwerken van leerachterstanden. maar óók op de speciale opvang van (hoog)begaafde kinderen.  

Als kinderen extra hulp nodig hebben worden de ouders hiervan op de hoogte gesteld. De vorm en de inhoud van deze ondersteuning wordt beschreven in een individueel handelingsplan of een groepsplan. Op onze school hebben we twee intern begeleiders, dit zijn onderwijsgevenden die speciaal belast zijn met het coördineren van de speciale zorg ten behoeve van alle kinderen bij ons op school. In dit verband: Er zijn op onze school kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong. Het is belangrijk dat we samen met de ouders dit vroegtijdig signaleren. Deze kinderen behoeven speciale begeleiding. Hoe dit allemaal in gang wordt gezet is vastgelegd in een protocol. Er zal sprake moeten zijn van versnelling, verdieping en verrijking. Op school zijn voldoende mogelijkheden en materiaal aanwezig om deze meer-begaafde leerlingen extra uitdaging te bieden. Elke school van onze vereniging biedt op de eigen school aan de meer begaafde leerlingen extra verrijkings- en verdiepingsstof.

Speciale ondersteuning betekent o.a. dat we flexibel omgaan met onze leermethodes. Wij kunnen bijvoorbeeld éérst toetsen en daarna de stof behandelen die nog niet beheerst wordt. Sneller door de methode gaan is ook mogelijk. Als de rest van de groep herhaalt, kunnen sommige kinderen werken met verrijkingsmateriaal.

Daarnaast  hebben we een Bovenschoolse verrijkingsklas VPCO Tholen. 

Welke specialisten ondersteunen op deze school?

Kwaliteitszorg en schoolplan

Download het schoolplan

Aanbod voor het jonge kind

Het is mogelijk dat de school extra aanbod organiseert voor het jonge kind. Die extra aandacht is bijvoorbeeld beschikbaar in samenwerking met de peuterspeelzaal, het kinderdagverblijf of in de groepen 1 en 2 van de basisschool. Het doel is om te zorgen voor een goede start op de basisschool.

Terug naar boven