Tytylschool de Maasgouw Maastricht

Bemelergrubbe 5 6226 NK Maastricht

Schoolfoto van Tytylschool de Maasgouw Maastricht

Het team

Toelichting van de school

Onze school

Tyltylschool de Maasgouw is een regionaal instituut voor speciaal onderwijs aan (meervoudig) gehandicapte kinderen - in de leeftijd van vier tot twintig jaar - uit de regio Midden- en Zuid-Limburg. Sinds januari 2020 valt de Maasgouwschool onder het bevoegd van Adelante.

Behalve op Tyltylschool de Maasgouw in Maastricht is er in de regio nog een onderwijsinstituut waar kinderen met een meervoudige handicap geplaatst kunnen worden. Dat is op de m.g.-afdeling van Mytylschool Adelante in Valkenburg a/d Geul. Het IQ van onze leerling-populatie ligt op maximaal 50. De Maasgouw heeft een Katholieke grondslag, met ruimte en respect voor elke levensbeschouwing.

Vakleerkrachten op deze school

Hoe wordt vervanging geregeld?

Het vinden van vervangers is, mede vanwege wetgeving, niet eenvoudig.   Indien er geen onderwijs-vervanger beschikbaar is neemt de klassenassistente de taken van de leerkracht over. Er wordt dan een vervangende klassenassistente gezocht die haar taken weer over neemt. Indien geen extra assistente kan worden gevonden, neemt de boventallige klassenassistente haar plaats in. In dit geval kan het zwemmen te vervallen komen. Indien deze eerste optie niet haalbaar is en de groep niet door twee mensen kan worden (her)bezet, zal de klas geheel of gedeeltelijk worden opgesplitst volgens een vooraf opgesteld rooster. Ook dan is het mogelijk dat het zwemmen tijdelijk wordt opgeschort.  

Ook bij afwezigheid van een klassenassistente zal een beroep worden gedaan op vervangers. Indien deze niet beschikbaar zijn, zal een van de boventallige assistentes in de betreffende groep worden ingezet. Het zwemmen, zal dan mogelijk komen te vervallen. Ook hier geldt dat de groep zal worden opgesplitst indien geen tweede persoon kan worden ingezet.

In zeer uitzonderlijke gevallen - als er meerdere groepen onderbezet zijn - zal aan de ouders worden gevraagd hun kind thuis te houden. Kwalitatief goed onderwijs verzorgen is in een dergelijke situatie helaas niet meer mogelijk. Uiteraard zullen we wel gepaste opvang bieden aan kinderen van ouders die aan dit verzoek geen gehoor kunnen geven

Directie van de school

Medewerkers op deze school (instellingsniveau)

We hebben voor dit onderdeel geen gegevens (ontvangen).

Bron

Hoe zijn de leerlingen gegroepeerd?

Het onderwijs kan op verschillende manieren georganiseerd worden. De school kiest zelf hoe leerlingen worden gegroepeerd en wat de invulling is van de beschikbare onderwijstijd. Soms zijn er op de school extra middelen die helpen bij het organiseren van het onderwijs.

Klasindeling

  • Bouwgroepen/Stamgroepen/Heterogene groepen
  • Groepsdoorbrekende niveaugroepen

Hoe wordt de tijd op school besteed?

Leerjaar 1 en 2

Bron

Overige leerjaren

Toelichting van de school

SCHOOLTIJDEN

  1. Maandag: 08.45 - 12.00 uur 13.00 - 15.15 uur
  2. Dinsdag: 08.45 - 12.00 uur 13.00 - 15.15 uur
  3. Woensdag: 08.45 - 12.30 uur
  4. Donderdag: 08.45 - 12.00 uur 13.00 - 15.15 uur
  5. Vrijdag: 08.45 - 12.00 uur 13.00 - 15.15 uur

AANTAL LESUREN

Binnen de Maasgouw maken we geen onderscheid tussen onder- en bovenbouw. Iedereen maakt jaarlijks een gelijk aantal uren. Conform de wettelijke bepalingen minstens 1000. In de groepen wordt volgens een lesrooster gewerkt. Activiteiten die buiten het lesrooster plaatsvinden staan in het jaaroverzicht van de schoolkalender en worden aan de inspectie voorgelegd.

Bron

Extra mogelijkheden op deze school

Ondersteuning van de leerlingen

Samenvatting ondersteuningsprofiel

Het schoolondersteuningsprofiel geeft een realistisch beeld van de onderwijsondersteuning en begeleiding die de school in het kader van Passend Onderwijs kan bieden en hoe deze ondersteuning is georganiseerd. De onderwijsondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften moet op basisscholen toegankelijk zijn, zonder administratieve rompslomp. Daarom is alle ondersteuning tot aan een verwijzing naar het speciaal (basis) onderwijs te rekenen tot basisondersteuning. De mate waarin de school die basisondersteuning op eigen kracht of met hulp van externe deskundigen kan bieden, is af te lezen uit het schoolondersteuningsprofiel. Basisondersteuning omvat vier ankerpunten. De school verbindt zijn ontwikkelingslijnen aan de ankerpunten van de basisondersteuning. Niet elke lijn hoeft even strak gespannen te zijn. De trekspanning tussen beiden kan afhankelijk zijn van de windrichting (kenmerken leerlingenpopulatie), de windkracht (pedagogisch en didactisch concept), de stroomsterkte (sociaal-demografische ligging in de wijk of regio) en het getij (krimp of groei). De vier ankerpunten zijn: De belangrijkste functie van het schoolondersteuningsprofiel is dat het inzicht verschaft in de kwaliteit van de basisondersteuning van de school. Alle ondersteuningsprofielen samen geven het samenwerkingsverband een overzicht van de mate waarin er wordt voorzien in een dekkend aanbod. Het schoolondersteuningsprofiel is integraal onderdeel van het schoolplan. Voor de verdere ontwikkeling van de kwaliteit van basisondersteuning maakt de school beredeneerde keuzes die zijn opgenomen in de paragraaf Ambities en Ontwikkeldoelen. Het schoolondersteuningsprofiel is het resultaat van zelfevaluatie van de school in samenwerking met het schoolbestuur. Het is voor de school de basis voor communicatie met ouders en anderen.

LEERLINGENZORG

Een belangrijke taak bij de bewaking en ordening van het onderwijs(leer)proces, onderwijsinhoudelijke doelen en bijpassende structuur van de school is weggelegd voor de adjunct directeur onderwijs. Hij treedt op als coördinator met betrekking tot het orthopedagogisch en orthodidactisch handelen, tussen de groeps- en vakleerkracht, logopedist, fysiotherapeut, ergotherapeut en klassenassistente. Hij is als trajectbegeleider “intermediair” tussen de commissie van begeleiding, de diverse samenwerkingsverbanden, de ouders en alle teamleden die direct betrokken zijn bij de daadwerkelijke behandeling van de kinderen. De adjunct directeur onderwijs ondersteunt en begeleidt collega's bij het signaleren, analyseren en opheffen van onderwijsleer- en gedragsproblemen, evenals het vormgeven en bewaken van een ononderbroken ontwikkelingslijn van de individuele leerling binnen de school. Hij is tevens voorzitter van de leerlingbespreking.

LEERLINGVOLGSYSTEEM  

Schooldatabeheer van Orthoventief is een digitaal leerlingvolgsysteem, toegeschreven naar de leerlingen van onze school. Het wordt binnen onze regio door meerdere (V) SO scholen gehanteerd. Alle relevante informatie rondom een leerling is hierin terug te vinden. Het bevat een inhoudelijk planningsinstrument. Het toekomstperspectief en bijbehorende planning van een leerling worden in het Ontwikkelings Perspectief Plan vastgelegd en cyclisch geëvalueerd. Op deze wijze kunnen wij ons verantwoorden naar ouders en inspectie. Het biedt ook de mogelijkheid beter te kunnen communiceren met alle betrokkenen en instanties rondom een kind.

GROEPSPLAN EN ONTWIKKELINGS- PERSPECTIEFPLAN

Leerlingen maken deel uit van een groep. Een groep bestaat uit leerlingen van nagenoeg dezelfde leeftijdscategorie en van min of meer gelijkwaardig mentaal niveau. Per groep wordt een groepsplan opgesteld waarin de activiteiten en doelstellingen van deze groep voor elk schooljaar worden vastgelegd. Hoewel de leerlingen bij leeftijdsgenoten in de groep zitten, werken ze toch op hun eigen niveau met methodes en werkvormen die aan hen zijn aangepast. Per leerling wordt een plan opgesteld dat de individuele aanpak van de leerling binnen de groep bevat. In dit ontwikkelings-perspectiefplan (O.P.P.) wordt ook de noodzakelijke individuele begeleiding binnen en buiten de groep opgenomen, bijvoorbeeld logopedie, fysio- en ergotherapie.

LEERLINGBESPREKING

Jaarlijks worden per groep leerlingbesprekingen gehouden. Deze besprekingen worden verdeeld in twee overlegvormen: de eerste bespreking (binnen twee maanden na plaatsing op de school) en de reguliere (jaarlijkse) leerlingbespreking. De eerste bespreking is in feite een vervolg op het overleg van de C.v.B. bij aanname en vindt bij ieder kind dan ook maar één keer plaats.     Bij plaatsing wordt een eerste aanzet gemaakt tot het opstellen van een ontwikkelingsperspectief. (zie 2.8) De bedoeling van de eerste bespreking is vanuit dit globale plan en op basis van de informatie die gedurende de eerste maanden verzameld en gerapporteerd is, te komen tot een concreet O.P.P. Bij dit overleg zijn alle begeleiders en behandelaars samen met de ouders, die uiteraard ook bespreekpunten kunnen inbrengen, aanwezig. Van de bespreking wordt een kort verslag gemaakt.   De reguliere leerlingbespreking is een jaarlijkse evaluatie van het O.P.P. waarbij afstemming plaats vindt tussen alle medewerkers die feitelijk betrokken zijn bij onderwijs, behandeling of begeleiding, samen met de ouders die een actieve inbreng hebben. Twee keer per jaar worden er OPP-besprekingen gehouden met ouders. De eerste bespreking is aan het begin van het schooljaar. Het klassenteam bespreekt dan de doelstellingen waaraan dat schooljaar wordt gewerkt. Aan het einde van het schooljaar zijn de doelstellingen door het klassenteam geëvalueerd. Deze evaluaties wordt dan doorgenomen met de ouders. Na afloop van beide gesprekken ontvangen ouders een afschrift van het OPP met een samenvatting van het gesprek, dat binnen een week ondertekend retour gaat naar school. Bij beide besprekingen kunnen therapeuten, schoolpsycholoog en/of interne begeleider worden uitgenodigd door zowel het klassenteam als ouders. Ook kunnen deze collega’s zelf aangeven wanneer ze bij een bepaalde leerlingbespreking willen aansluiten. Ouders worden verzocht voor opvang van broertjes/zusjes te zorgen. Het is niet de bedoeling dat deze bij de bespreking aanwezig zijn.   Halfjaarlijks worden er tussentijdse voortgangsbesprekingen gepland met schoolpsycholoog en interne begeleider, waarbij groepsleerkrachten aangeven hoe de ontwikkeling verloopt van de groep en individuele leerlingen. Wanneer er stagneringen worden geconstateerd in de ontwikkeling van een individuele leerling, zal er een gesprek worden gepland met ouders.

REVALIDANT GERICHT OVERLEG (R.G.O.)

De Maasgouw werkt voor een aantal leerlingen samen met het revalidatiecentrum van de Adelante zorggroep in Valkenburg. Wanneer er bij een leerling revalidatie(dag)behandeling nodig is, wordt gestreefd naar één totaal plan van aanpak waarin onderwijs en revalidatie aan bod komen. In dit kader vindt er twee maal per jaar multidisciplinair overleg plaats onder voorzitterschap van de revalidatiearts. Voorafgaand aan deze bespreking wordt door alle betrokkenen een rapportage geschreven. Een samenvatting hiervan wordt aan de ouders wordt toegezonden. Bij het R.G.O.-overleg zijn de ouders/verzorgers, de behandelende therapeut(en) en het onderwijzend personeel namens de school aanwezig, alsmede de psychologe en het maatschappelijk werk van Adelante. Van dit overleg wordt een verslag gemaakt, waarin de stand van zaken op de verschillende terreinen met betrekking tot een leerling beschreven staat. Ook wordt een nieuw plan voor de komende periode opgesteld. In een aantal gevallen wordt één R.G.O.-overleg gecombineerd met de reguliere leerlingbespreking.

OVERDRACHTS-BESPREKING

Om bij een groepswisseling of wisseling van therapeut een ononderbroken ontwikkelingslijn bij het kind te waarborgen, dient de overdracht verantwoord en zorgvuldig te gebeuren. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het klassendossier dat tijdens de overdrachtsbespreking mondeling wordt toegelicht.

LEERLINGDOSSIER

Vanaf het moment dat een kind op school wordt aangemeld, wordt een dossier opgemaakt. De algemene leerling-gegevens, het aanmeldingsformulier, de toelaatbaarheidsverklaring van het samenwerkingsverband evenals de besluitvorming van de C.v.I. en de handelingsgerichte diagnostiek van de C.v.B. worden hierin bewaard. Het leerling-dossier bevat ook de medische- en psychologische gegevens en de verslagen van de jaarlijkse leerlingbesprekingen met de onderwijskundige en onderwijsondersteunende informatie. Het dossier wordt bewaard op een plaats die uitsluitend toegankelijk is voor hiertoe bevoegde personeelsleden. Ouders hebben inzagerecht in het dossier. Het dossier wordt in school bewaard tot tenminste vijf jaar na het tijdstip waarop het kind de school verlaat. Het klassendossier bevat recente functionele gegevens van elke leerling. In dit dossier zijn opgenomen een samenvatting van de laatste leerlingbespreking, het pedagogisch- en didactisch handelingsplan, een meldingsformulier bijzondere voorvallen en relevante gegevens voor vervanging. Dit dossier bevindt zich in elke groep en is toegankelijk voor de groepsleiding

ONDERWIJSKUNDIG EINDRAPPORT

Aan het eind van de schoolloopbaan wordt door de leerkracht een onderwijskundig rapport opgesteld. Hierin wordt een algemeen beeld van de leerling door de jaren heen geschetst. Recente doelstellingen en hun opbrengsten worden eveneens vermeld. Naar de toekomst toe wordt een perspectief gesteld en relevante medische informatie wordt bijgevoegd, evenals een samenvatting van de laatste leerlingbespreking. De nieuwe school of de vervolgopvang is op deze wijze goed geïnformeerd over de vorderingen en mogelijkheden van de leerling.

LEEFTIJDSGRENZEN BIJ TOEKENNEN TOELAATBAARHEIDS-VERKLARING

Samenwerkingsverbanden stellen zelf de procedure en criteria vast voor de plaatsing van leerlingen op scholen voor het (voortgezet) speciaal onderwijs. Diverse samenwerkingsverbanden - met name in het zuiden van het land - waar de vereveningsbijdrage van kracht is, stellen een leeftijdsgrens als criterium. Boven een bepaalde leeftijd komt een leerling dan niet altijd meer in aanmerking voor een toelaatbaarheidsverklaring voor het speciaal onderwijs binnen dat samenwerkingsverband omdat er alternatieven kunnen zijn voor leerlingen die de leeftijdsgrens van 18+ overschrijden. De SWV stellen zich op het standpunt: onderwijs tot 18 jaar…. tenzij er nog concrete ontwikkelingsdoelen kunnen worden geformuleerd.   In de Wet op de expertisecentra staat echter dat leerlingen toegang hebben tot het VSO tot en met het schooljaar waarin ze twintig worden. Een leeftijdsgrens lager stellen dan twintig jaar is in tegenspraak met de wet. De inspectie stelt zich op het standpunt dat een SWV dient te handelen in het belang van de leerling. Als een SWV een leeftijdsgrens wil hanteren - bijvoorbeeld om financiële redenen - zal het SWV dus per geval moeten afwegen of het in het belang is van de leerling om de VSO-school te verlaten en een volgende stap te maken.   De praktijk in onze regio is dat SWV zélf mogen bepalen wat nu wél of niet in het belang van een leerling is. Het is aan ons om de SWV te overtuigen van de meerwaarde van ons onderwijs aan 18+ers. Wat voor ons een duidelijke meerwaarde is, kan door een SWV anders worden beoordeeld.   Daarbij komt dat landelijk gezien nauwelijks discussie is over de schoolplaatsing van 18+ leerlingen met ernstige meervoudige beperkingen tot hun twintigste, zoals de wet voorschrijft… Deze discussie speelt enkel in regio’s waarin de SWV te maken hebben met tekorten (negatieve verevening).   De vraag is dan ook gerechtvaardigd of de SWV écht zullen open staan voor onze argumenten of dat uiteindelijk (toch) de financiële redenen de doorslag geven.   

PARTICIPATIEWET EN WAJONG-GERECHTIGDEN

Sinds 1 januari 2015 is de Participatiewet van kracht. Deze wet vervangt een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wajong).   Jongvolwassenen komen in aanmerking voor een Wajong-uitkering als ze door een ziekte of handicap niet aan het arbeids-proces kunnen deelnemen en op de dag dat ze 18 jaar worden een ziekte of handicap hebben. Daarnaast moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • woonachtig zijn in Nederland
  • geen opleiding volgen.  

Volgens de participatiewet komen leerlingen met ernstig meervoudige beperkingen, die volledig arbeidsongeschikt zijn, vanaf 2015 niet meer voor een Wajong-uitkering in aanmerking omdat ze "een studie of opleiding volgen".   Leerlingen die onze school bezoeken kunnen tot 20 jaar onderwijs volgen dat zich m.n. richt op sociale- en zelfredzaamheid, communicatie en mobiliteit. We bereiden hen voor op een plaats binnen de dagbesteding. De vraag is of het volgen van onderwijs aan een Tyltylschool gezien kan/moet worden als het volgen van een studie of opleiding zoals bedoeld in de wet. We leiden immers niet op tot een erkend diploma.   Ouders maken zich (soms ernstig) zorgen als hun kind geen recht meer heeft op een Wajong uitkering. Onze leerlingen hebben vele extra voorzieningen in de vorm van toezicht, zorg en voorzieningen nodig. De WAJONG regeling kan in deze behoeften gedeeltelijk voorzien.   Het niet toekennen van een WAJONG uitkering betekent dat ouders overwegen om financiële redenen en soms met pijn in het hart hun kind voortijdig van school te halen. Een zorgelijke ontwikkeling waar alle Mytyl- en Tyltylscholen mee worden geconfronteerd.   De afgelopen periode hebben we onze zorgen over deze ontwikkeling kenbaar gemaakt.   De Tweede Kamer deelt onze zorgen en stelt dat schoolgaande leerlingen (18+) die géén arbeidsvermogen hebben en Wajong-gerechtigd zijn, ook daadwerkelijk Wajong moeten kunnen ontvangen ook als ze nog schoolgaand zijn! Dit staat in de motie Siderius die in april 2016 werd aangenomen.   De Tweede Kamer geeft dus nadrukkelijk aan dat staatssecretaris Klijnsma de regeling moet aanpassen/ herstellen. De staatssecretaris heeft toegezegd hier nader onderzoek naar te zullen doen en zal er in het voorjaar van 2017 uitsluitsel over geven. Op 27 november 2017 is de Tweede Kamer geïnformeerd dat bij de uitwerking van de motie vertraging is opgelopen, voornamelijk omdat het noodzakelijk was om extern onderzoek uit te voeren.

Welke specialisten ondersteunen op deze school?

Kwaliteitszorg en schoolplan

Download het schoolplan

Terug naar boven