Basisschool Groenehoek

Stampioendreef 7 2661 SR Bergschenhoek

  • Vanaf groep 4 krijgt iedere leerling een tablet. We starten met het vak rekenen op de tablet.
  • Vanaf groep 1 leren onze leerlingen werken aan de hand van een taak. Ieder leerjaar krijgt de taak meer inhoud, dit wordt opgebouwd.
  • Samen spelen, samen werken, samen leren. Samen is heel belangrijk op de Groenehoek. Wij zijn een Kanjerschool en gaan goed met elkaar om.
  • Leren door spelen. In de kleutergroepen staat spelend leren centraal. Er is ruime aandacht voor hoekenspel, buitenspelen en gymnastiek.
  • Ons schoolplein aan de locatie Groeneweg is afgelopen schooljaar volledig onder handen genomen,

Resultaten eindtoets

Toelichting van de school

Op OBS Groenehoek nemen wij in groep 8 de IEP Eindtoets af. De IEP Eindtoets is bedoeld om te kijken waar een leerling staat ?in zijn/haar ontwikkeling. De IEP meet de verplichte vaardigheden lezen, taalverzorging en rekenen aan het einde van groep 8. Zo krijgen we als school inzicht welk referentieniveau (1F, 2F en 1S) de leerlingen beheersen. De uitkomst van de IEP Eindtoets geeft een extra uitslag naast het schooladvies dat een leerling krijgt van de school.

?In schooljaar 2019-2020 is er landelijk geen eindtoets afgenomen vanwege de coronacrisis.

Welk percentage leerlingen behaalt het fundamentele niveau en welk percentage het streefniveau?

Fundamenteel niveau

Dit is het percentage leerlingen dat met de eindtoets het basisniveau voor taal en rekenen behaalt. Dit wordt het fundamentele niveau of 1F genoemd. Iedere leerling zou dit niveau aan het einde van de basisschool moeten behalen. Voor alle basisscholen in Nederland is de signaleringswaarde (minimale waarde) voor het fundamentele niveau 85%. Dus: op alle scholen moet 85% van de leerlingen het basisniveau halen, anders is dat een signaal voor de inspectie.

Bron

Streefniveau

Dit is het percentage leerlingen dat met de eindtoets het hogere niveau voor taal en rekenen behaalt. Dit wordt het streefniveau of 2F (taal) en 1S (rekenen) genoemd. Het streven is dat zoveel mogelijk leerlingen dit niveau aan het einde van de basisschool behalen. Voor elke basisschool in Nederland is de signaleringswaarde (minimale waarde) voor het streefniveau apart bepaald. Hoeveel procent van de leerlingen het hogere niveau moet behalen, verschilt dus per school. De inspectie kijkt eerst goed naar kenmerken van de leerlingen (en van hun ouders) om de verwachting te bepalen. Heeft een school meer leerlingen die meer aandacht nodig hebben, dan ligt de signaleringswaarde van de inspectie lager.

Bron

Hoe gebruikt deze school tussentijdse toetsen?

Toelichting van de school

Onderwijsaanbod en tussentijdse resultaten

Intern begeleider

Wij stemmen ons onderwijsaanbod zo veel mogelijk af op de verschillende onderwijsbehoeften van onze leerlingen. Om de zorg binnen de school goed te organiseren, is een intern begeleider aangesteld. Bij haar kunnen de leerkrachten en ouders terecht met hun vragen over leerlingen die in de groep problemen ondervinden ten aanzien van gedrag en/of het verwerken van kennis en vaardigheden. Drie keer per jaar bespreken de leerkrachten hun leerlingen tijdens een groepsbespreking met de intern begeleider. De intern begeleider houdt contact met onder andere maatschappelijk werk, logopedisten, CJG en ambulant begeleiders van expertisecentra. De intern begeleider kan ouders ook verwijzen naar schoolmaatschappelijk werk.  

Leerlingvolgsysteem - tussenresultaten

Om de ontwikkeling van de kinderen goed te kunnen volgen, maakt de school gebruik van het leerlingvolgsysteem van BOSOS (in de kleutergroepen) en CITO (groep 3 t/m 8). Dit zijn methode-onafhankelijke toetsen, die de ontwikkeling van de basisvaardigheden van leerlingen meten. De leerkrachten analyseren deze toetsen en kunnen het onderwijsaanbod indien nodig aanpassen om zo goed mogelijk te voldoen aan de behoeften van een leerling. De meetmomenten vinden plaats in januari en juni. De resultaten zijn terug te vinden op het rapport en worden besproken tijdens de oudergesprekken. Naast deze landelijke toetsen meten wij de ontwikkeling van de leerlingen ook regelmatig met tussentijdse toetsjes en/of opdrachten vanuit onze methodes. Dit noemen wij onze methode-gebonden toetsen. A.d.h.v. deze tussentijdse metingen zien we goed of de aangeboden lesstof bij de leerlingen is beklijfd en kunnen we ons onderwijs tussentijds bijsturen naar de behoeften van de groep, groepjes leerlingen en individuen. 

Naast het leerlingvolgsysteem voor de basisvaardigheden meet de school ook de sociaal-emotionele ontwikkeling van uw kind. De school maakt hierbij gebruik van het Volginstrument Sociaal-emotionele Ontwikkeling (Viseon) van CITO.  

Extra begeleiding

Aan de hand van het leerlingvolgsysteem wordt bekeken of leerlingen extra zorg nodig hebben. Als leerlingen extra zorg nodig hebben, dan worden de ouders hiervan op de hoogte gebracht en de werkwijze wordt met hen besproken en geëvalueerd. De structurele zorg aan leerlingen wordt vastgelegd in een groepsplan. Groepsplannen worden uitgevoerd in de groep tijdens het zelfstandig werken aan de weektaak of buiten de groep door een leerkracht die extra begeleiding biedt aan kleine groepjes leerlingen. Daarnaast bieden de leerkrachten indien nodig verlengde instructies aan de instructietafel in de groep.

Dyslexieprotocol

Voor leerlingen met lees- en spellingproblemen volgen wij het dyslexieprotocol. Ons dyslexieprotocol is gebaseerd op het ‘protocol voor leesproblemen en dyslexie’ dat in opdracht van de overheid is uitgegeven door het expertisecentrum Nederlands. Vanaf groep 3 worden de scores van leerlingen op het gebied van lezen en spellen nauwkeurig bijgehouden. Bij tegenvallende prestaties wordt door de school extra hulp geboden. Deze hulp wordt vastgelegd in groepsplannen. Bij blijvend lage prestaties (drie E-scores op rij) wordt de leerling door de ouders opgegeven voor onderzoek bij een dyslexie-instituut of schoolbegeleidingsdienst.  

* Het dyslexieprotocol is op onze schoolwebsite te downloaden.

Leerlingen die de reguliere stof niet aankunnen

Indien na herhaald uitgevoerde plannen de stof steeds weer te moeilijk blijkt, kan het voorkomen dat we moeten concluderen dat het basisniveau te moeilijk is. Na bespreking en toestemming in de zorgcommissie kan deze leerling dan gaan werken volgens een individuele leerlijn. Hiertoe wordt alleen besloten in overleg met ouders. Voor deze leerlingen wordt een ‘Persoonlijk ontwikkelingsprofiel’ opgesteld waarin tussen- en einddoelen voor de leerlingen worden vastgesteld.   

Leerlingen die meer aankunnen

Als een leerling meer aankan dan de reguliere stof, bieden wij de leerling aanpassing van ons onderwijsaanbod aan. Dit gebeurt zoveel mogelijk op de manier van ‘compacten en verrijken’ waarbij leerlingen minder reguliere stof en meer uitdagende stof aangeboden krijgen. De afspraken over deze aanpassingen zijn individueel en op maat. Ouders worden hierover geïnformeerd.  

Op school is een document ‘Begaafdenbeleid’ aanwezig. Dit document ligt ter inzage bij de directie of interne begeleider. In uitzonderlijke gevallen stromen leerlingen versneld door. De criteria hiervoor zijn vastgelegd in een document ‘Criteria voor versnelling’. Dit document is te vinden op onze schoolwebsite.   

Plusklas

De plusklassen voor de groepen 2 tot en met 4 en de groepen 5 tot en met 8 zijn een aanvulling op ons begaafdenbeleid, waarbij we in iedere groep al zoveel mogelijk aansluiten bij het niveau van iedere leerling. Met de plusklas willen wij leerlingen uit de groepen groep 2 tot en met 8, die nog niet voldoende uitdaging vinden binnen de groep, onderwijs op maat bieden. Wij willen zoveel mogelijk kwaliteiten van leerlingen aanspreken en deze samen met hen tot ontwikkeling brengen. Vanuit deze doelstelling draagt de plusklas bij aan passend onderwijs voor (hoog)begaafde leerlingen. Het geeft deze leerlingen ook de mogelijkheid om gelijkgestemden te ontmoeten en met deze kinderen samen te werken. Verder wordt gewerkt met lesstof op het gebied van alle vakgebieden. Er zijn criteria verbonden aan deelname aan de Plusklas. De beslissing of uw kind wel of niet deelneemt aan de Plusklas ligt bij de school en wordt per leerjaar opnieuw bekeken.   

Ontdekclub

Ieder schooljaar organiseren we een ontdekclub. Leerlingen, die hieraan deelnemen, werken onder leiding van de plusklasleerkracht gedurende een bepaalde periode samen aan een project. Voorbeelden van onderwerpen die aan de orde zijn geweest, zijn Leonardo da Vinci, ruimtevaart, architectuur en de Tweede Wereldoorlog. De ontdekclub bestaat uit leerlingen die nog niet deelnemen aan de Plusklas, maar wel een ontwikkelingsvoorsprong laten zien en extra uitdaging (buiten de klas) nodig hebben. Er wordt intern (door de groepsleerkracht, talentbegeleider en intern begeleider) bekeken welke leerlingen deelnamen aan de ontdekclub. De school neemt hierin de eindbeslissing.  


Welk schooladvies kregen de leerlingen van deze school?

Toelichting van de school

Voorlopig advies

Het voorlopig advies komt tot stand in een overleg tussen de leerkracht(en) van groep 7, de toekomstige leerkracht(en) groep 8, de intern begeleider en de directeur. Dit overleg vindt plaats twee à drie weken voor het voorlopig adviesgesprek. De communicatie naar de leerling en ouders/verzorgers vindt eind groep 7 plaats tijdens het voorlopig adviesgesprek. Bij het voorlopig adviesgesprek worden de leerling en ouders/verzorgers op school uitgenodigd. De leerling en ouders/verzorgers ontvangen tijdens het gesprek een brief met opschrift “Voorlopig advies” en krijgen daarbij een mondelinge toelichting. De leerkracht(en) noteren in een gespreksverslag de inhoud van dit gesprek en de reactie van leerling en ouders/verzorgers.

Wij baseren ons bij het tot stand komen van het voorlopig advies op de volgende gegevens:

- Cito-gegevens uit het leerlingvolgsysteem t/m E7

- De ontwikkelingsgrafiek vanuit het leerlingvolgsysteem met de bijbehorende schooltypes 

- De cijfers van de methodetoetsen in groep 7 

- De uitslag van de IEP LVS uit groep 7 

- De (huis)werkhouding

- Het gedrag van de leerling, gemeten met Viseon en observaties van de leerkracht(en) 

- Voor LWOO leerlingen vullen wij de OPP-trap in.

Tijdens het rapportgesprek in juni wordt het voorlopig schooladvies gecommuniceerd met ouders. Leerkrachten zullen een onderbouwing geven van het voorlopig advies. Ouders en leerlingen ontvangen een officieel schriftelijk document met daarop het voorlopig schooladvies. 

De begeleiding van groep 8

Groep 8 is een belangrijk jaar, want de leerling gaat het laatste schooljaar in op de basisschool. Het voortgezet onderwijs lonkt en als oudste leerling van de basisschool is hij of zij eraan toe om zich voor te bereiden op het voortgezet onderwijs. Hetzelfde geldt voor de ouders. Het kind van de basisschool begeleiden naar het voortgezet onderwijs is niet eenvoudig en de stap naar het voortgezet onderwijs is dan ook een zeer belangrijke. Wij trachten de leerlingen en ouders zo goed mogelijk in dit proces te helpen.    

Schooladvies in groep 8

Het definitieve advies komt tot stand in overleg tussen leerkracht(en) groep 8, de intern begeleider en de directie. Wanneer het definitieve advies afwijkt van het voorlopige advies wordt ook nog overlegd met de leerkracht(en) van groep 7. Tijdens de definitieve adviesgesprekken in januari vindt de communicatie naar leerling en ouders/verzorgers plaats. De leerling en ouders/verzorgers ontvangen een onderwijskundig rapport met daarin het definitieve advies.  

Wij baseren ons bij het tot stand komen van het definitieve advies op de volgende gegevens: 

- Cito-gegevens uit het leerlingvolgsysteem t/m B8/M8

- De ontwikkelingsgrafiek vanuit het leerlingvolgsysteem met de bijbehorende schooltypes 

- De cijfers van de methodetoetsen in groep 8 

- De uitslag van de IEP LVS uit groep 7

- De (huis)werkhouding het gedrag van de leerling, gemeten met Viseon en observaties van de leerkracht(en).

Ouders en leerling ontvangen een onderwijskundig rapport met daarin het definitieve advies. In het onderwijskundig rapport is er een mogelijkheid om aan te kruisen of leerling en ouders/verzorgers het eens zijn met het advies. De leerlingen vullen vooraf een formulier in met het schooltype dat ze wensen te gaan doen en de school waar op dat moment hun voorkeur naar uitgaat. Als de leerling een hoger schooltype in gedachten heeft vult de leerkracht “nee” in met als opmerking de wens van de leerling. Tijdens het gesprek wordt het definitieve advies duidelijk en zorgvuldig uitgelegd en wordt er aangegeven welke acties van ouders wordt verwacht met betrekking tot aanmelding voor het voortgezet onderwijs. Het eerste deel van het schooljaar bezoekt groep 8 diverse scholen voor voortgezet onderwijs om een indruk te krijgen van deze vormen van onderwijs. In april vindt de IEP Eindtoets plaats. In mei ontvangen de ouders de uitslag van de toets. Als de eindtoets beter gemaakt wordt dan de school had gedacht, dan kijkt de school opnieuw naar het advies. De heroverweging wordt intern behandeld in een commissie bestaande uit de intern begeleidster, directeur en leerkracht(en). De ouders en de leerling zelf worden daarna uitgenodigd voor een gesprek waarin de resultaten van de heroverweging worden toegelicht. Als de eindtoets slechter gemaakt wordt dan de school verwachtte, dan past de school het advies niet aan. Dit blijft dan hetzelfde. Voor 1 april worden de ouders geacht hun kind bij een school voor voortgezet onderwijs aangemeld te hebben.   

Oriëntatie op voortgezet onderwijs

De scholen voor voortgezet onderwijs organiseren voor ouders en toekomstige leerlingen open dagen. Wij adviseren de ouders en leerlingen een aantal open dagen te bezoeken, zodat zij zich een goed oordeel kunnen vormen over de scholen. Uiteindelijk nemen de ouders de beslissing met betrekking tot de schoolkeuze en melden hun kind aan op de betreffende school.

Weergave Schooladvies

Bron

Zitten de oud-leerlingen van deze school in het voortgezet onderwijs boven, op of onder hun schooladvies?

In het eerste jaar

Bron

In het derde jaar

Bron

Sociale ontwikkeling

Wat zegt de inspectie over de school?

Toelichting van de school

In 2015 heeft de inspectie geconcludeerd dat de kwaliteit van het onderwijs in orde is. Met name het didactisch handelen en de afstemming op de verschillen in ontwikkeling vallen positief op.

Verbeterpunten werden geadviseerd op de leerlingenzorg voor leerlingen met een achterstand. De school heeft hier de laatste jaren flink in geïnvesteerd.

Terug naar boven